Onderzoek: wie breder kijkt dan enkel sociale media heeft meer vertrouwen in de wetenschap
Gebruik van diverse mediakanalen versterkt het vertrouwen in de wetenschap en maakt mensen bovendien minder vatbaar voor misinformatie. Dit blijkt uit recent onderzoek van het Rathenau Instituut naar wetenschappelijke misinformatie op sociale media. Mensen die veel tijd doorbrengen op sociale media blijken vatbaarder voor desinformatie met een wetenschappelijk tintje.
Deze maand publiceerde het Rathenau Instituut het rapport ‘Wikken en weten’, waarin onderzoek is gedaan naar de relatie tussen vertrouwen in wetenschap en misinformatie op sociale media. “We beperken ons in dit rapport tot misinformatie over wetenschappelijke onderwerpen, oftewel misinformatie waarbij de wetenschap impliciet of expliciet wordt gebruikt ter onderbouwing van een bewering”, schrijven de onderzoekers.
Het instituut ondervroeg 8.500 respondenten, representatief voor de Nederlandse samenleving. Hoe langer mensen tijd doorbrengen op sociale media, des te groter het risico dat ze in dit type wetenschappelijke misinformatie trappen.
Deze vatbaarheid is het grootst bij mensen die ouder zijn dan 45 jaar, praktisch zijn opgeleid, een laag wetenschappelijk kennisniveau hebben, een laag vertrouwen hebben in de wetenschap en Facebook of X als voornaamste platform gebruiken. Hoe meer tijd zij doorbrengen op sociale media, hoe meer ze in wetenschappelijke misinformatie geloven.
Onderzoekers konden geen direct verband vinden tussen de tijd die mensen op sociale media doorbrengen en hun vertrouwen in de wetenschap. Wel blijkt er een indirect verband, omdat mensen die geneigd zijn wetenschappelijke misinformatie te geloven ook minder vertrouwen hebben in de wetenschap als totaal.
Mensen die naast sociale media ook op andere manieren in aanraking komen met wetenschappelijke informatie, blijken meer vertrouwen te hebben in de wetenschap. Daardoor is deze groep minder vatbaar voor misinformatie.
“Omdat een hoger vertrouwen in wetenschap en minder geloof in wetenschappelijke misinformatie sterk met elkaar samenhangen, geloven mensen met een diverser wetenschappelijk informatiedieet ook minder in wetenschappelijke misinformatie”, aldus het rapport.


Praat mee